29 jun. 2008

The Conversation (Francis Ford Coppola, 1974)

The Conversation begint - en eindigt - op een plein in San Francisco, Union Square; een drukke middagpauze met op de achtergrond het harde geluid van een groep straatmuzikanten. Tussen alles en iedereen door lopen Ann (Cindy Williams) en Mark (Frederic Forrest), zij hebben deze conversatie, een gesprek waar een anonieme directeur (Robert Duvall - die niet in de credits vermeld wordt) 15.000 dollar voor overheeft. Harry Caul (Gene Hackman) is de man die hem dit gesprek, in zijn totaliteit, zonder ruis, moet bezorgen. Daarvoor heeft deze professionele luistervink de benodigde apparatuur, de juiste mensen, een geniale opstelling (een microfoon op het plein en in de gebouwen rondom) en vooral de expertise. Caul doet dit al jaren - wist ooit zelfs een microfoon in een parkiet te verstoppen - en deze opdracht is als alle anderen, zegt hij nog tegen zijn assistent Stanley (John Cazale), als deze hem vraagt wie er eigenlijk zo geïnteresseerd is in dit gesprek. “I don't care what they're talking about. All I want is a nice fat recording”, is het exacte antwoord van de introverte, excentrieke ‘einzelganger’. Harry Caul mag en wil geen verantwoordelijkheid voor hetgeen hij opneemt: hij wil niet weten voor wie en hij wil zeker niet weten wat er mee gebeurt.




Normaal gesproken zouden we na zo’n scène snijden naar de verdere ontwikkelingen van een intrige; we volgen de directeur, zijn verhouding met Ann en Mark, hun geheimen en de verdere consequenties van deze opname, zoals een thriller betaamt. Maar The Conversation is een thriller van heel andere orde. Dat kan ook bijna niet anders met Francis Ford Coppola als regisseur, in zijn gouden periode, gemaakt tussen de eerste twee Godfathers door. We blijven bij Harry Caul. Mark en Ann zullen vanaf nu alleen nog figureren in zijn obsessieve belevenis, als hij de opnames terugluistert, afstelt, terugspoelt en nog eens terugluistert. Ook de enigmatische directeur blijft buiten beeld; we zien alleen zijn afgevaardigde, de gladde, kille Martin Stett (Harrison Ford) die Harry achtervolgt als hij hem de opnames weigert te overhandigen. Voor het eerst maakt Harry een uitzondering: hij laat zich meeslepen door de opname, hij wil weten waar ze het over hebben en wat de gevolgen zijn van het ogenschijnlijk onschuldige gesprek. Het is bijna alsof deze man - die in al zijn eenzaamheid en overdreven bewustzijn van privacy een onzichtbare muur om zich heen heeft opgetrokken - zelf een film construeert, gebaseerd op een korte scène waarvan hij de hoofdrolspelers niet kent en waar hij de omstandigheden erbij moet verzinnen. Harry raakt volkomen geobsedeerd, vooral door het feit dat deze onprofessionele actie hem nu zelf betrekt in een wereld waar alles wat je doet opgenomen kan worden.

Duidelijk geïnspireerd door Blowup, Antonioni's abstracte thriller, schept Coppola een wereld van intieme en benauwde paranoia, met in het centrum het meesterlijke acteerwerk van Gene Hackman. Alhoewel Coppola op voorhand bang was dat niemand zich zou kunnen identificeren met deze teruggetrokken figuur, slaagt Hackman erin hem neer te zetten als iemand met een bijna ongrijpbare, sympathieke uitstraling. Hij maakt van hem niet alleen een tragisch figuur, maar ook iemand die aangrijpend is zijn onvermogen te communiceren met mensen. Als hij zich wel blootgeeft voel je de kwetsbaarheid van een man die zijn leven afschermt, maar niet meer invult. Coppola brengt Harry Caul in beeld alsof hij zelf geregistreerd wordt door een surveillance-camera: statisch en kalm, met camera-bewegingen die altijd te laat doorhebben dat zijn onderwerp niet meer terug komt lopen in het shot. Maar waar Coppola zijn echte brille toont, is in het gebruik en de montage van geluid en herhaling - een samenwerking met editor Walter Murch. Door zijn publiek te betrekken in het ontrafelen van de verborgen boodschap in The Conversation. Door ons ook achter de werktafel van Harry te zetten, elke keer als hij het gesprek opnieuw beluistert, verfijnt en zich probeert voor te stellen wat de implicaties van de woorden zijn.

The Conversation is formeel een thriller, maar in feite een briljante karakter studie, een portret van een man die zijn eigen ondergang in werking stelt. Vaak wordt de film afgedaan als een voorbeeld van perfecte timing; de film kwam 1 jaar voor het Watergate-schandaal uit, in een periode waar duidelijk werd dat onder de Amerikaanse politiek een donkere, verborgen laag van afluisteren, afpersen en corruptie lag. Maar dit meesterwerkje is alles behalve gedateerd en wordt eigenlijk steeds actueler in een wereld waar alles - internet, mobiele telefonie, sattelietfoto's, banktransacties - wordt vastgelegd en bewaard. Alhoewel The Conversation wel als directe inspiratiebron is gebruikt voor recente (en zwaar overschatte) films als The Good Shepherd en Das Leben der Anderen, blijft het een unieke thriller. Dat zit in de subtiele, bijna terloopse manier waarop het verhaal opbouwt; in het langzaam verschuivende realiteitsbesef; in de schokkende ontknoping; in het verwoestende, melancholische einde.




Caul is de Engelse term voor 'met de helm op geboren', een toestand waarbij een kind met een dun, bijna transparant vlies om zijn hoofd wordt geboren. In esoterische kringen wordt beweerd dat deze kinderen later helderziend zullen worden, maar in het geval van Harry is het bijna het tegenovergestelde. Het is alsof hij deze helm nog steeds op heeft, om hem te beschermen tegen alles wat zijn leven kan betreden. Alsof hij uit eenzaamheid al zijn verlangens en gevoelens projecteert op een drama dat alleen hij kan horen en zien, op een dun laagje film dat hem omringt. Een dun laagje dat het verschil maakt tussen realiteit en surrealiteit, tussen dagdroom en nachtmerrie. Met als enige zekerheid zijn saxofoon.

1 opmerking:

Viola zei

Wat een mooie film...