4 mrt. 2008

McCabe & Mrs. Miller (Robert Altman, 1971)

Bij sommige films is het net alsof je toevallig ergens binnen komt wandelen. Alsof het allemaal al lang aan de gang was, lang voordat jij erbij kwam. Waarschijnlijk gaat ook iedereen weer verder met kaarten, bouwen, drinken en schieten als je weg bent. Wanneer Warren Beatty een natgeregend stadje in de bergen binnen komt rijden, van zijn paard afstapt en zijn spullen er vanaf haalt, mompelt hij iets. Het is amper te verstaan. Maar het zet meteen de toon. De stad waar hij doorheen loopt is niet af, alsof de sets nog gebouwd moeten worden. Hij loopt naar de plaatselijke saloon. Het is er groezelig, net zoals buiten. Regendruppels komen door de kieren van het plafond. Op de soundtrack zingt Leonard Cohen: "And he wants to trade the game he plays for shelter."





En dat is waarom McCabe (Beatty) hier is gekomen: om iets op te bouwen; om geld te verdienen. Moe gestreden is de vermaande revolverheld naar deze uithoek gevlucht om hier een zeker bestaan op te bouwen. McCabe wint geld en besluit een bar te openen; compleet met casino en hoeren. Hij is niet de enige die op zoek is naar 'shelter'. Iedereen lijkt wel binnen te zitten in deze film; het is letterlijk onguur in dit verre uiteinde van de 'frontier'. Het is hier vaal, koud en onwennig. En binnen, in die kleine, nieuwe gebouwen, is het waar de film een bijzonder intieme en melancholische sfeer krijgt. Het vale beeld en geluid lijken zachtjes en onvoorspelbaar te gloeien, als houtskool. Je zou er bijna op gokken dat Altman aan een winterdepressie leed toen hij deze western filmde.

Met McCabe & Mrs. Miller heeft Robert Altman -wat ze officieel noemen- een anti-western gemaakt. Anti, niet zozeer omdat het tegen westerns is, maar omdat deze film het genre omkeert of beter gezegd: tegen zichzelf laat werken. Dus in plaats van stoere mannen, wijde vlaktes en revolvers, serveert Altman ons het gedoemde business-plan van meneer McCabe en mevrouw Miller. De elegante en sluwe Constance Miller (de Britse actrice Julie Christie) wil namelijk Madame worden in het hoerenhuis van John McCabe. De naïeve McCabe wil zo graag comfort dat hij alleen maar in korte termijn winst lijkt te denken en accepteert haar aanbod. Maar de stille, melancholische en onheilspellende muziek van Cohen geeft aan dat het niet lang goed kan gaan met zijn 'American Dream'. Het zou misschien beter zijn voor hem om -net als de vrouw waar hij inmiddels stiekem van houdt en mee samen werkt- overdag nuchter zaken te doen om daarna weg te dromen bij een opiumpijp.




De koele Miller blijft onbereikbaar. Net als het geluk dat toevallig de kant van McCabe op komt waaien. Afstandelijk en verleidelijk probeert ze haar zaken-partner te behoeden voor slechte beslissingen. Ondertussen kijken we vooral mee met een man die het voor de wind gaat. Nonchalant en onopvallend zitten we bij hem aan de tafel in de saloon of staan we buiten, in de sneeuw, te kijken naar wat er in onze stad gebeurt. Het is niet vaak dat een film je zo omringt, als een soort 'surround' film. Altman staat bekend om zijn improvisatorische kwaliteiten en losse manier van filmen. Soms gebruikt hij ze om een genre op zijn kop te zetten, maar meestal zet hij dit in om een groot ensemble acteurs te volgen zoals in zijn magnum opus, Short Cuts. In dit intieme meesterwerkje gaat het bijna letterlijk alleen om de personen uit de titel. Heette het boek nog alleen McCabe (van Edmund Naughton), hier gaat het ook om de vrouw -die symbool staat voor alles wat de hoofdpersoon verlangt.

Dat McCabe zijn geluk uiteindelijk niet zal vinden, is de hele film lang aan te voelen. Zoals je in een documentaire al weet dat degene die je volgt niet zal slagen. De grote anonieme corporaties slokken deze opportunistische entrepreneur op, met of zonder medewerking. Deze pessimistische blik op zakendoen in het wilde Amerika onderstreept zijn conclusie niet, maar laat het gebeuren omdat het iets natuurlijks is. Zeker op een plek waar wetgeving nog moet ontstaan. Maar je kan altijd besluiten om dit te negeren of er tegen te vechten. Wie weet ontstaat er wel iets moois. Zo wordt een onmogelijke opgave toch een hoopvolle onderneming, één met een verre belofte. Net als de deal tussen John en Constance, die je uiteindelijk gaat tutoyeren, nadat je twee uur met ze in deze melancholische droom hebt gezeten. Een droom, die waarschijnlijk gewoon verder gaat op het moment dat de aftiteling voorbijkomt. Verder op zoek naar geluk onder kille omstandigheden.

Geen opmerkingen: